Menu

••Doetinchem is goed op weg met de transformatie

thema-3.png

Dit jaar heeft KWIZ in opdracht van de gemeente Doetinchem een 1-meting uitgevoerd naar de effecten van de Kanteling in de Wmo op de kosten van de Wmo en de AWBZ en de zelfredzaamheid van de burger. Dit onderzoek volgt op de nulmeting in 2011. De Kanteling (en de huidige transformatie) hebben meerdere doelstellingen, zoals vergroting van de zelfredzaamheid en participatie van burgers, realiseren van een omslag in het denken van de gemeente en de uitvoerende partners in het werkveld van zorg en welzijn en vermindering van de (stijging van de) kosten van de individuele voorzieningen in het kader van de Wmo.

Onderzoeksvragen
Net als in 2011 staat in het onderzoek de volgende vraag centraal:

Wat is het effect van de vormgeving van de Kanteling in de Wmo op:
a) de kosten onderverdeeld naar individuele Wmo-voorzieningen en AWBZ-voorzieningen;
b) de mate van zelfredzaamheid van de burger inclusief het gebruikmaken van het eigen netwerk.

Het onderzoek is op basis van bestandsanalyse en enquête-onderzoek onder Wmo-cliënten en onder een steekproef van inwoners van de gemeente Doetinchem.

Resultaten
Over de kosten van de AWBZ-voorzieningen valt nog niet zoveel te zeggen: in 2014 is een groot aantal nieuwe indicaties afgegeven en de effecten van de gemeentelijke herbeoordelingen kunnen nu nog niet worden bepaald.

De Kanteling in de werkwijze heeft een effect op de kosten van de individuele Wmo-voorzieningen gehad. De gemeente heeft beleidswijzigingen doorgevoerd voor Hulp bij het Huishouden en het collectief vervoer met als doel: meer maatwerk en kijken wat de burger zelf nog kan. Dit heeft geleid tot een behoorlijke daling in het aantal verstrekkingen.

Uit de enquête blijkt dat mensen die een Wmo-aanvraag hebben ingediend aangeven dat er daadwerkelijk is gekeken naar de zelfredzaamheid. Dit tot hun tevredenheid. Bij bijna de helft is ook veel aandacht besteed aan de vraag of iemand uit hun sociale netwerk ze kon helpen bij hun hulpvraag. Opvallend is dat ten opzichte van 2011 het aandeel respondenten dat informele hulp krijgt bij huishoudelijke taken en vervoer is gedaald. Men is vervolgens ook tevreden over de uiteindelijke oplossing. In de wijken waar de buurtcoaches als onderdeel van de Kanteling al langere tijd actief zijn, is de naamsbekendheid ervan aanzienlijk groter dan in we de wijken waar die nog maar net begonnen zijn.

Vergeleken met 2011 heeft de klantgroep Wmo gemiddeld vaker gebruikgemaakt van een andere algemene voorziening. Opvallend is dat onder alle inwoners de bekendheid van algemene voorzieningen groter is dan onder de gebruikers van een Wmo-voorziening. Wel maken mensen met een Wmo-voorziening vaker gebruik van die voorziening.

Al met al is de gemeente Doetinchem op de goede weg, maar is er nog wel werk aan de winkel. Een kwart van de respondenten met een Wmo-voorziening geeft aan geen sociaal netwerk te hebben. En van de mensen met een Wmo-voorziening vindt 10 procent van de respondenten dat ze in (zeer) ruime mate mee kunnen doen aan de maatschappij.

Meer informatie over dit onderzoek  kunt u verkrijgen bij Bert van Putten, 06-1232 2281; bert.van.putten@kwiz.nl.